EDM

 

EDM

Achtergrond

Het ruggenmerg is een kwetsbare kabel van zenuwweefsel, die richting achterkant van het paard versmalt tot een draadachtige vezel. De kabel wordt omgeven en beschermd door de wervels. In het midden van de wervels zit een holte. Deze holtes vormen samen het wervelkanaal. Hierin bevindt zich het ruggenmerg dat begint vanaf de hersenstam en doorloopt tot ongeveer de staart. Vanuit het ruggenmerg treden tussen de wervels door steeds twee bundels zenuwvezels naar buiten, de ruggenmergzenuwen. Die zorgen voor de communicatie tussen de hersenen en de rest van het lichaam. Deze bundels bevatten zowel motorische als sensorische zenuwen. Motorische zenuwen regelen de activiteit van de spieren. Sensorische zenuwen geven informatie van de zintuigen door aan het centraal zenuwstelsel. Het ruggenmerg is opgebouwd uit grijze stof (binnenkant) en witte stof (aan de buitenzijde). Deze witte stof bevat zenuwbanen die de verbinding maken tussen het centrale zenuwstelsel (ruggenmerg en de hersenen) en het perifere zenuwstelsel (de zenuwen in de armen en benen). In de grijze stof liggen de cellichamen van de zenuwcellen.

Bij paarden vanaf speenleeftijd tot ongeveer 2 á 3 jaar komt een ziekte van het ruggenmerg voor waarbij de witte stof van het ruggenmerg in het halsgebied is aangetast. Daarnaast zijn er ook aangetaste delen in de hersenen gevonden. Dit wordt jaarlingataxie of EDM genoemd (equine degeneratieve myelo-encephalopathie). Deze ziekte is aangetoond bij een groot aantal paarden- en ponyrassen en bij zebra’s.

Waardoor het wordt veroorzaakt is niet duidelijk. Er zijn aanwijzingen dat een tekort aan vitamine E en/of selenium een belangrijke rol speelt bij de ontwikkeling van deze aandoening. Daarnaast blijkt er bij een aantal rassen ook een erfelijke component te zijn. Bij Przewalskii paarden in gevangenschap is er een vorm van EDM beschreven bij nakomelingen van bepaalde hengsten.

Symptomen en diagnose

De aandoening openbaart zich meestal plotseling, soms zijn er voorafgaande symptomen van een stijve nek of op drie benen willen staan. De eerste symptomen beginnen vaak voor de leeftijd van 6 maanden. Ze kunnen variëren van mild tot zeer ernstig. Vaak ontstaat er ataxie (verminderde coördinatie) van de achterhand waarbij in sommige gevallen de benen van de voorhand juist overdreven opgetild worden tijdens de beweging (hypermetrie). Andere symptomen kunnen zijn; moeilijk opstaan, veel liggen, bewegingsstoornissen van de hals en verslapping van de staartspieren. Het klinische beeld is nauwelijks te onderscheiden van het Wobbler syndroom (zie aldaar). Onderzoek op bloed, ruggenmerg vloeistof en röntgenonderzoek levert vaak niets op. Het vitamine E gehalte in het bloed is vaak alleen in het begin van de ziekte verlaagd. De diagnose kan pas worden bevestigd tijdens een sectie.

Therapie

Vroege ontdekking van de ziekte en snelle behandeling met vitamine E in het voer en per injectie kan effectief zijn, maar eventueel herstel neemt meerdere maanden in beslag. Daarnaast heeft het paard rust nodig en moet het dier gehuisvest worden in een ruime box waarvan de vloer niet te glad mag zijn. Dit om te voorkomen dat het paard zich verwond door uitglijden. Een ruimte met zandbodem of een kleine weide die met veilige hekken afgezet is voldoet goed.

Neem direct contact op met uw dierenarts indien u bovengenoemde symptonen bij uw paard ziet. Uw dierenarts kan bepalen welke therapie op dat moment het meest geschikt is.

Naar boven Disclaimer Paard en Gezondheid