Castratie hengst

Met dank aan Dap Sint Oedenrode voor het mogen plaatsen van de foto's bij dit onderwerp!

Anatomie van de testikel

Bij pasgeboren hengstveulens liggen de zaadballetjes meestal net buiten de liesopening, waardoor ze daar ook te voelen zijn. Het lieskanaal is bij deze jonge veulens nog heel wijd waardoor de zaadballetjes nog teruggeduwd kunnen worden in de buikholte. Na ongeveer een maand is het lieskanaal zo nauw geworden dat dit niet meer mogelijk is. Als er dan niet twee zaadballetjes zichtbaar en/ of voelbaar zijn, dan zullen deze ook in de regel niet meer volledig afdalen. Tijdens het eerste levensjaar maken de zaadballetjes een flinke ontwikkeling door en ontstaat er ook duidelijk een scrotum ook wel balzak genoemd.

In de tekening staat aangegeven hoe de balzak opgebouwd is. De buikwand is aan de binnenkant bekleed met buikvlies ook wel peritoneum genoemd. Op de plek van het lieskanaal stulpt het buikvlies naar buiten en loopt door aan de binnenkant van de balzak. Dat gedeelte van het buikvlies wordt tunica vaginalis genoemd. Aan de buitenkant van deze weefsellaag ligt de huid van de balzak. Tussen de tunica vaginalis en de huid ligt een weefsellaag die tunica dartos wordt genoemd. De twee testikels en bijballen liggen in de balzak en worden omgeven door de tunica vaginalis. De zaadstreng loopt door het lieskanaal de buikholte in.

Castratie hengst

Manieren van castreren

Er zijn verschillende manieren om een hengst te castreren. Er is een onderverdeling te maken in staand of liggend en verder kan er nog een keuze gemaakt worden of de hengst in het veld of in een operatiekamer op een kliniek gecastreerd zal worden. De castratie kan gedaan worden via de balzak, maar er zijn ook technieken waarbij “over de lies” gecastreerd wordt. In dat laatste geval wordt een huidsnede gemaakt ter hoogte van de lies en wordt de zaadstreng daar “opgevist”. Ook is het mogelijk om een endoscopische castratie uit te voeren. Dit wordt gedaan bij het staande dier. Er worden twee kleine sneetjes gemaakt in de buikwand waardoor instrumenten naar binnen gebracht kunnen worden. Op deze manier wordt een ligatuur om de zaadstreng gelegd.

De castratie over de balzak is de manier die het meest toegepast wordt en zal daarom ook verder besproken worden. Deze manier is ook weer onder te verdelen:

  1. onbedekte castratie
  2. half bedekte castratie
  3. bedekte castratie

Onbedekte castratie wordt meestal uitgevoerd bij het staande dier. Onbedekt wil zeggen dat er een snede gemaakt wordt door de huid van de balzak en de onderliggende weefsellaag (tunica dartos) en de tunica vaginalis. Hierdoor raakt het testikel “onbedekt”. De zaadstreng wordt gekneusd en op de kneusplaats wordt een ligatuur gelegd. Dit is een dikke hechtdraad die om de zaadstreng wordt gelegd en zo hard wordt aangetrokken dat de bloedvaten dichtgebonden worden. Daarna wordt de zaadstreng doorgenomen en de zaadbal verwijderd. Er kan ook voor gekozen worden om bij een onbedekte castratie de kneustangen vrij lang te laten zitten zodat de vaten dusdanig gekneusd zijn dat deze vanzelf sluiten en het aanleggen van een ligatuur niet meer perse nodig is. Hierbij is het risico op bloedingen natuurlijk wel groter. Het nadeel van de onbedekte castratie is dat de buikholte tijdelijk geopend is, immers de tunica vaginalis is een voortzetting van het buikvlies. Daardoor is het mogelijk dat inhoud van de buikholte (zoals vet of darmen) via het lieskanaal naar buiten komt. Dit is met name een risico wanneer de operatie bij het liggende dier wordt uitgevoerd, want zodra het dier bijkomt uit de narcose zal het opstaan en hierbij komt er veel druk op de buik waardoor organen door het lieskanaal geduwd kunnen worden. Gelukkig komt dit niet vaak voor en na een tijdje zal de stomp van de zaadstreng zorgen dat het lieskanaal weer afgesloten wordt. Het voordeel van deze manier is dat er weinig weefselschade is aangezien er eigenlijk alleen een snede over het scrotum gemaakt wordt. Ook moet het bijbalbandje doorgescheurd worden (zie tekening). Omdat de weefselschade beperkt is zal er weinig zwelling optreden wat de genezing ten goed komt.

Bij de bedekte castratie wordt alleen de huid en de onderliggende laag (tunica dartos) doorgenomen. Daarna worden deze gescheiden van de tunica vaginalis door deze op te stropen. Ook nu wordt de zaadstreng (bedekt door de tunica vaginalis) gekneusd en geligeerd. Het voordeel is dat de buikholte nu gesloten blijft het nadeel is dat er veel weefselschade is door het opstropen van de huid en de onderliggende laag. Hierdoor treedt veel zwelling op. Dit is pijnlijk en het herstel kan langzamer verlopen. Nog een ander nadeel is dat er geen zicht is op de testikel en de bijbal. Het is mogelijk dat deze niet helemaal goed ingedaald zijn waardoor er na de castratie wat weefsel achter blijft dat testosteron zal blijven produceren. Dit zorgt natuurlijk voor hengstengedrag. Om dit probleem te voorkomen wordt er meestal voor gekozen om de half bedekte methode uit te voeren. Hierbij wordt de tunica vaginalis wel geopend, wordt in feite gecontroleerd of de testikels en de bijbal in het scrotum aanwezig zijn, maar voor de rest verloopt deze castratie als de bedekte castratie. De zaadstreng wordt dus gekneusd en geligeerd terwijl deze omgeven is door de tunica vaginalis. Zo blijft dus ook in dit geval de buikholte gesloten. De half bedekte en de bedekte methode kunnen dan ook prima bij het liggende dier uitgevoerd worden. Deze tekst bevat een fotoreportage over het castreren van de hengst met behulp van de half-bedekte methode.

De castratie

Voordat een hengst gecastreerd kan worden moet het paard onderzocht worden of het wel gezond genoeg is om de narcose te ondergaan. Hiertoe wordt een algemeen lichamelijk onderzoek uitgevoerd en wordt naar het hart en de longen geluisterd. Ook is het belangrijk om het scrotum te controleren en dan met name of beide testikels volledig ingedaald zijn. Zo niet dan moet voor een andere operatie techniek gekozen worden die niet zomaar in het veld gedaan kan worden. De hengst wordt onder narcose gebracht. In dit geval werd gekozen voor een injectie anesthesie. Dat wil zeggen dat het narcose middel geïnjecteerd wordt in de halsader.

Castratie hengst

Zodra het paard is gaan liggen worden de achterbenen uitgebonden zodat het operatiegebied mooi vrij komt te liggen.

Castratie hengst

Meestal wordt ervoor gekozen om naast de narcose ook een lokale verdoving toe te dienen in de testikels. Het voordeel hiervan is dat er een wat lichtere narcose gegeven kan worden. Het heeft echter ook een nadeel en dat is dat er bloedingen kunnen ontstaan in de testikel die het operatieveld wat onoverzichtelijker maken.

Castratie hengst

Daarna wordt het operatiegebied gewassen en gedesinfecteerd.

Castratie hengst

Ondertussen worden alle benodigde instrumenten op een steriel tafeltje gelegd.

Castratie hengst

Over het operatiegebied wordt een steriele operatiedoek gelegd en er wordt een snede gemaakt in de huid van het scrotum op de plaats van het eerste testikel.

Castratie hengst

Ook de tunica vaginalis wordt ingesneden zonder het testikel in te snijden en hier worden twee klemmetjes op gezet.

Castratie hengst

De testikel wordt buiten het scrotum gebracht en gecontroleerd wordt of de testikel en de bijbal compleet zijn. Daarna wordt de huid met de onderliggende laag (tunica dartos) opgestroopt met een gaastampon.

Castratie hengst

Een kneustang wordt op de zaadstreng gezet. Hierdoor worden de bloedvaten in de zaadstreng gekneusd en dichtgedrukt en de omvang van de zaadstreng wordt ter plekke dunner omdat het spiertje dat in de zaadstreng loopt ook fijn gedrukt wordt.

Castratie hengst

Men laat de kneustang een tijdje op de zaadstreng zitten zodat de vaten goed dichtgedrukt worden en zichzelf al grotendeels zullen sluiten.

Castratie hengst

Nu wordt er een snede in het scrotum gemaakt ter hoogte van de tweede testikel en ook nu wordt met behulp van een gaastampon het weefsel rond de zaadstreng opgestroopt.

Castratie hengst

Ook deze zaadstreng wordt weer gekneusd met de kneustang.

Castratie hengst

Nu wordt de kneustang van de eerste zaadstreng afgehaald en wordt een ligatuur om de zaadstreng gelegd op de plaats waar deze gekneusd is. Hier is een inkeping ontstaan waardoor de ligatuur niet makkelijk af kan zakken. De ligatuur bestaat uit een dikke hechtdraad die om de zaadstreng wordt gelegd en strak wordt aangesnoerd zodat er geen bloedingen ontstaan.

Castratie hengst

Als de ligatuur goed zit wordt de zaadstreng doorgesneden onder de ligatuur en wordt het testikel verwijderd. Alvorens de stomp van de zaadstreng losgelaten wordt, wordt deze gecontroleerd op bloedingen. Zodra de stomp losgelaten wordt trekt deze zich terug richting lieskanaal.

Castratie hengst

De kneustang wordt nu van de tweede zaadstreng afgehaald. Op deze foto is goed te zien dat er een inkeping is ontstaan in de zaadstreng. In deze inkeping wordt de ligatuur aangelegd.

Castratie hengst

Deze foto toont heel duidelijk hoe strak de ligatuur aangelegd moet worden.

Castratie hengst

Als de ligatuur goed aangelegd is wordt ook de tweede zaadstreng een paar cm onder de ligatuur doorgesneden en wordt de tweede testikel verwijderd.

Castratie hengst

Zodra beide testikels verwijderd zijn zijn de twee sneden in de balzak goed te zien.

Castratie hengst

Het operatie gebied wordt ingesprayed om infectie van de wonden zoveel mogelijk te voorkomen. De sneden in het scrotum worden open gelaten. Omdat er tijdens de operatie sprake is van weefselschade en de operatie meestal niet helemaal steriel uitgevoerd kan worden (onder kliniek omstandigheden kan dit eventueel wel) is het gunstig om de wonden open te laten zodat vocht en vuil naar buiten afgevoerd kan worden.

Castratie hengst

Deze foto toont de testikels en de bijballen.

Castratie hengst

Nazorg

Omdat er weefsel beschadigd is tijdens de operatie zal er in de meeste gevallen zwelling optreden van het scrotum. Dit kan behandeld worden door de balzak koud af te douchen en het paard te laten stappen. In de meeste gevallen zal de zwelling, die na ongeveer 2 dagen duidelijk aanwezig is, snel afnemen. Soms wordt er voor gekozen om het paard enkele dagen preventief antibiotica te geven. Het is belangrijk om het paard dagelijks 2 maal te temperaturen om te controleren of er geen sprake is van koorts. Het is natuurlijk mogelijk dat er een infectie en ontsteking optreedt. Deze zal dan behandeld moeten worden.

Soms gaan de wonden te snel dicht waardoor (ontstekings)vocht zich in het scrotum ophoopt. Het is dan zaak dat de wonden schoongemaakt worden met betadine® scrub of shampoo en dat de operatiewond weer geopend wordt. Eventueel kan besloten worden het scrotum te spoelen met een dunne betadineoplossing om viezigheid eruit te spoelen.

Aan iedere operatie zijn wat risico’s verbonden zo ook aan een castratie. Ondanks alle goede zorgen kan een paard bijvoorbeeld een bloeding krijgen. Er zijn kleinere bloedingen mogelijk vanuit de snijranden van de wond of vanuit het opgestroopte weefsel. Deze zijn meestal niet ernstig en zullen vaak vanzelf stoppen, maar in enkele gevallen zal besloten worden de bloeding op te zoeken en een ligatuurtje aan te leggen. Een ernstige bloeding ontstaat natuurlijk wanneer bijvoorbeeld de ligatuur afzakt en de grote vaten in de zaadstreng gaan bloeden. Dan is de enige optie om het dier door te sturen naar een kliniek waar de zaadstrengstomp opgezocht zal worden en op een hogere plaats opnieuw geligeerd zal worden.

Zoals al eerder beschreven, de buikholte is afgesloten bij de halfbedekte castratie dus is het niet mogelijk dat er bijvoorbeeld darmen als complicatie via het scrotum naar buiten komen. De narcose zelf is ook altijd een risico. Gelukkig gaat het in verre weg de meeste gevallen zonder problemen.

Een tijdje na de castratie kan alsnog een ontsteking ontstaan aan de zaadstreng stomp. Dit wordt funiculitis genoemd. Dit ontstaat doordat het weefsel dat onder de ligatuur achter is gebleven, om ervoor te zorgen dat de ligatuur niet afzakt, gaat afsterven. Wanneer dit stukje weefsel wat te groot is kan een hardnekkig ontsteking ontstaan. Soms kan dit probleem behandeld worden met spoelen en antibiotica toedienen, maar in een aantal gevallen zal het paard opnieuw geopereerd moeten worden waarbij het stukje weefsel onder de ligatuur weggenomen wordt. De ligatuur zelf wordt door het lichaam opgenomen omdat het van oplosbaar hechtmateriaal gemaakt is.

Naar boven Disclaimer Paard en Gezondheid