Aan de nageboorte blijven staan

Bij een normale geboorte van het veulen komt de pootjesblaas met daarin het veulen als eerste naar buiten. Het veulen wordt in de vliezen geboren.

Achtergrond

Bij een normale geboorte van het veulen komt de pootjesblaas met daarin het veulen als eerste naar buiten. Het veulen wordt in de vliezen geboren. De veel grotere waterzak (vruchtblaas) is in de baarmoeder al gebroken. Nadat de borst van het veulen geboren is scheurt de pootjesblaas vaak spontaan. Scheurt het niet dan moet de vliezen zo snel mogelijk door de mens gebroken worden anders kan het veulen sterven doordat het niet kan ademhalen.

Pasgeboren veulen
Foto 1: toont een pasgeboren veulen. Links zie je nog een deel van het vlies waarin het geboren is. De pootjesblaas.

Na de geboorte zit de placenta nog in de baarmoeder. De placenta bestaat uit twee delen de pootjesblaas (allantoamnion) met daarin het veulen en vruchtwater en daaromheen weer de vruchtblaas (allantochorion) ook gevuld met vruchtwater. De vruchtblaas wordt na de pootjesblaas en meestal binnenste buiten uitgedreven. Als de nageboorte uitgedreven is kun je twee uitstulpingen zien en dat zijn de delen die in de twee hoornen van de baarmoeder vast zaten (foto 3). De baarmoeder bestaat uit een langgerekt gedeelte; baarmoederlichaam en twee lange hoornen. Slecht in een van de twee hoornen hebben de achterbeentjes van het veulen gezeten. De voorbeentjes liggen opgevouwen tegen het lichaam en het hoofd ligt op de borst.

Vaak wordt binnen 15 à 60 minuten na de geboorte van het veulen spontaan de placenta uitgedreven. Door het samenknijpen van de baarmoeder onder invloed van het hormoon oxytocine laat de nageboorte los van de baarmoederwand. Wanneer de placenta 4 tot 6 uur na de geboorte nog niet is afgekomen spreken we van “aan de nageboorte staan” en zal, om complicaties te voorkomen, een behandeling moeten worden ingesteld door de dierenarts.

Als de nageboorte niet spontaan afkomt, raakt de baarmoeder geïnfecteerd met micro-organismen. Uiteindelijk ontstaat er dan een baarmoederontsteking. De bacteriën in de baarmoeder kunnen allerlei schadelijke afbraakproducten vormen waaronder endotoxinen. Dit zijn giftige stoffen die gevormd worden uit delen van de celwand (LPS; lipopolysacchariden) van bepaalde bacteriën. Deze toxinen worden opgenomen door de wand van de baarmoeder en komen in het bloed terecht. Dit heeft koorts en ziekte tot gevolg. De endotoxinen kunnen er ook voor zorgen dat de merrie hoefbevangen raakt.

Ook micro-organismen zelf kunnen door de wand van de baarmoeder dringen en in de bloedbaan terechtkomen. De ernst van een baarmoederontsteking kan wisselen. Gezien bij het paard zeer snel ernstige complicaties kunnen ontstaan, is het “aan de nageboorte blijven staan” aanleiding om op tijd een behandeling in te stellen.

In de medische wereld wordt "aan de nageboorte blijven staan", retentio secundinarum genoemd en kan vooral verwacht worden na een abortus, een tweelingdracht of een geboorte die abnormaal verlopen is. Mogelijk spelen ook onvoldoende baarmoedercontracties een rol. De placenta laat wel los van de baarmoederwand maar door te weinig contracties van de baarmoeder wordt het niet naar buiten gedreven. Aan de nageboorte blijven staan komt vaker voor bij het Friese paard en bij koudbloed merries.

Symptomen en diagnose

Het is altijd belangrijk om te controleren of de nageboorte compleet is. Wanneer een stukje van de nageboorte in de baarmoeder achterblijft kan dit zorgen voor een baarmoederontsteking. Het is dus belangrijk om in de gaten te houden of de placenta afkomt en op welk tijdstip. Duurt dit langer dan 1 á 2 uur dan moet er contact opgenomen worden met de dierenarts. Sommige merries eten de placenta op waardoor het kan lijken of de nageboorte nog niet afgekomen is.

Vaak hangt de navelstreng en een gedeelte van de nageboorte uit de vulva en is dus duidelijk te zien dat de placenta nog af moet komen. De nageboorte kan vast blijven zitten in een gedeelte van de baarmoeder of alleen in de hoornen. De diagnose is dus meestal op het zicht te stellen, omdat een deel van de nageboorte buiten de vulva hangt. Vaak is verder onderzoek van de baarmoeder nodig door de dierenarts om vast te stellen in hoeverre het nog vast zit.

Merrie
Foto 2: deze merrie staat aan de nageboorte. Je ziet een klein stukje van de pootjesblaas en een stuk van de navelstreng.

Nageboorte
Foto 3: De nageboorte is volledig uitgespreid op de grond om te controleren of deze helemaal compleet uit de merrie gekomen is. Links en rechtsbovenaan zie je de delen die in de baarmoederhoornen hebben gelegen. In het midden bovenaan zie je de navelstreng met daaraan nog een klein stukje van de pootjesblaas. Je ziet dat de linkerhoorn groter is dus daar heeft het veulentje in gelegen en in het baarmoederlichaam dat ook heel groot is geworden (midden van de foto). Je ziet ook de bloedvaten lopen. Aan de hand van het patroon van deze vaten kun je een goede inschatting maken of de nageboorte helemaal compleet is afgekomen.

Vruchtblaas
Foto 4: Dit is de opening van de vruchtblaas waardoor het veulen naar buiten is gekomen. Als je het rode weefsel van dichtbij bekijkt zie je dat het allemaal kleine vlokjes zijn. Deze vlokjes hebben vastgezeten aan de binnenkant van de baarmoederwand en op deze manier wisselden merrie en veulen via de navelstreng voedingstoffen, zuurstof en anderzijds afvalstoffen en kooldioxide uit.

De eerste 6 uren na de geboorte zijn verder geen tot weinig verschijnselen bij de merrie te zien. Na 6 uur kunnen zich de eerste ziekteverschijnselen gaan ontwikkelen, zoals koorts (tot boven 40°C.), suffer worden, weinig tot geen eetlust en geen aandacht hebben voor het veulen. Vaak laat de merrie ook koliekverschijnselen zien dit komt door het samenknijpen van de baarmoeder. Wanneer de merrie meer dan 12 uur aan de nageboorte staat zonder dat een behandeling is ingesteld, is de kans groot dat ze ernstig ziek geworden is. Eén van de belangrijkste complicaties van ontstaan van baarmoederontsteking is dat de merrie hoefbevangen kan raken.

Therapie

Ga nooit zelf de nageboorte verwijderen of aan de nageboorte trekken! Als de merrie langer dan 1 á 2 uur aan de nageboorte staat wordt het tijd om in te grijpen. Neem dan contact op met uw dierenarts. De dierenarts kan met behulp van injecties of een infuus met oxytocine de nageboorte laten afkomen. Deze injecties kunnen met een tussentijd van 1-2 uur herhaald worden.

Oxytocine is een hormoon dat ook door de merrie zelf aangemaakt wordt. Dit hormoon zorgt voor het samenknijpen van de baarmoeder tijdens de geboorte zodat het veulen naar buiten geperst wordt. Daarnaast heeft dit hormoon een positief effect op het “laten schieten van de melk” en speelt het een rol bij het ontstaan van de band tussen moeder en veulen. Wanneer het veulen drinkt gaat de merrie meer oxytocine aanmaken dit heeft dan een gunstig effect op de melkgift, maar bevordert ook het samenknijpen en verkleinen van de baarmoeder, waardoor de nageboorte makkelijker af zal komen.

Wanneer de merrie na 4 tot 6 uur nog steeds aan de nageboorte staat, moet er verder ingegrepen worden. De dierenarts zal voorzichtig de nageboorte proberen los te masseren van de baarmoederwand en deze daarna uit de baarmoeder verwijderen. Daarna moet nauwkeurig gecontroleerd worden of de placenta compleet is. Daarvoor wordt de placenta uitgespreid op de vloer en wordt bekeken of er geen gedeeltes missen. Vooral moet erop gelet worden of de toppen van de hoornen aanwezig zijn (“mouwtjes”).

Vruchtblaas

Vervolgens wordt de baarmoeder gespoeld met lichaamswarme fysiologische zoutoplossing. Afhankelijk van de toestand van de merrie en hoelang ze aan de nageboorte heeft gestaan, wordt een behandeling met antibiotica en NSAID’s ingesteld. NSAID’s zijn geneesmiddelen die een pijnstillende, ontstekingsremmende en koortsremmende werking hebben vergelijkbaar met paracetamol voor humaan gebruik.

Na een dergelijke behandeling moet de merrie regelmatig gecontroleerd worden door de dierenarts en indien nodig moet de therapie herhaald worden. De merrie moet de eerstvolgende dagen goed in de gaten gehouden worden in verband met het ontstaan van complicaties, zoals baarmoederontsteking en hoefbevangenheid. Belangrijk daarbij is dat de eetlust en de temperatuur van de merrie gecontroleerd worden.

Prognose

Bij een tijdige juiste behandeling is de prognose gunstig. Vaak zal de nageboorte alsnog afkomen nadat er een behandeling met oxytocine is ingesteld. Verdere behandeling is dan in de regel niet nodig. Als de merrie 4 tot 6 aan de nageboorte heeft gestaan en de dierenarts heeft de placenta met de hand moeten verwijderen, is de kans op problemen wat groter, maar ook in dit geval verloopt alles meestal zonder complicaties. Wel moet de merrie dan heel goed in de gaten gehouden worden. Verder is het wel belangrijk om te weten dat wanneer een merrie éénmaal aan de nageboorte heeft gestaan, dat de kans dan groter is dat zij bij de geboorte van een volgend veulen weer aan de nageboorte zal blijven staan. In overleg met uw dierenarts kan dan bijvoorbeeld besloten worden om tijdig oxytocine toe te dienen om problemen te voorkomen.

Naar boven Disclaimer Paard en Gezondheid